Factsheet Schmallenbergvirus

  Onderzoeksvelden
  Thema's A-Z
  Archief
  Projecten
  Expertise
  Samenwerking

Factsheet Schmallenbergvirus 

januari 2012 

Sinds enige tijd wordt de veehouderij in noordwest Europa geconfronteerd met de gevolgen van een nieuwe dierziekte die veroorzaakt wordt door het Schmallenbergvirus.

Voor informatie over de ziekte, de symptomen en het aantal uitbraken verwijzen we naar:


Economische gevolgen

Zoals bij zoveel dierziekten heeft het Schmallenbergvirus voor bedrijven niet alleen gevolgen voor de gezondheid van de dieren maar zijn er ook economische gevolgen voor de bedrijven en de veehouderijsector. Omdat de uitbraak nog niet achter de rug is, is het op het ogenblik niet mogelijk om de totale economische schade al goed vast te stellen.

Maar er zijn een aantal vragen waar we wel al antwoord op kunnen geven.



1. Hoeveel bedrijven met gevoelige diersoorten zijn er in NL en waar zijn deze bedrijven en dieren?


  Schapen

Tabel 1

Aantal bedrijven met schapen, totaal en met meer dan 25 ooien

2000

2009

2010

2011

Alle bedrijven

 

 

 

 

Bedrijven met schapen

17,270

13,140

12,800

12,460

Bedrijven met ooien

17,190

13,080

12,770

12,430

Aantal schapen, inclusief ooien a)

1,304

1,137

1,129

1,088

Aantal ooien a)

680

547

558

546

Ooien per bedrijf

40

42

44

44

Bedrijven  met meer dan 25 ooien

 

Bedrijven met meer dan 25 ooien

7,490

5,550

5,430

5,200

Aantal schapen, inclusief ooien a)

1,067

947

939

905

Aantal ooien op deze bedrijven a)

568

461

471

461

Ooien per bedrijf

76

83

87

89

a) x 1.000.

Bron: CBS-Landbouwtelling, voorlopige gegevens.



Melkvee

Tabel 2

Ontwikkeling aantal melkveebedrijven en aantal melkkoeien

2000

2009

2010

2011

Aantal bedrijven met melkkoeien

29,470

20,280

19,810

19,250

Aantal melkveebedrijven a)

23,280

17,820

17,520

17,240

Aantal melkkoeien (x 1.000)

1,504

1,489

1,479

1,470

w.v. op melkveebedrijven (%)

87

93

93

94

Koeien per bedrijf op melkveebedrijven

56.5

77.6

78.7

80.0

Bron: CBS-Landbouwtelling,2011 voorlopige gegevens.



Geiten

Tabel 3

Ontwikkeling aantal geiten en aantal bedrijven met geiten

2000

2009

2010

2011

Aantal bedrijven met geiten

3,795

3,916

3,719

3,541

Aantal geiten

178,571

374,184

352,828

380,351

Aantal melkgeiten

98,077

274,060

247,983

250,785

Gespecialiseerde geiten bedrijven

 

Aantal bedrijven

287

358

368

359

Idem in % van totaal

8

9

10

10

w.v. biologisch (%)

14.6

17.8

16.8

16.2

Aantal geiten per bedrijf

438

897

815

883

w.v. biologisch (%)

8.9

8.5

9.3

7.8

Aantal melkgeiten per bedrijf

278

692

607

610

Bedrijven met meer dan 50 geiten

 

aantal bedrijven > 50 geiten

375

405

413

396

idem in % totaal

10

10

11

11

aantal geiten op deze bedrijven

164,387

358,537

337,166

365,613

idem in % totaal

92

96

96

96

   Bron: CBS-Landbouwtelling,2011 voorlopige gegevens.



  Waar bevinden zich de bedrijven?

terug naar boven


2. Een infectie met Schmallenbergvirus veroorzaakt schade op geïnfecteerde bedrijven. Hoe hoog zijn de inkomens op melkvee en geiten bedrijven?


Inkomens melkveebedrijven
In onderstaande tabel staan een aantal kengegevens met betrekking tot de inkomens in de melkveehouderij.

 

SO totaal melkveebedrijven

2009

2010 (v)

2011 (r)

Bedrijfsopzet

Aantal steekproefbedrijven

284

281

0

Aantal bedrijven

17,726

17,406

17,145

Oppervlakte cultuurgrond (ha)

48.19

49.04

49.77

Aantal dieren

Melkkoeien

78.6

81.8

83.0

Vleeskalveren

0.5

1.2

1.2

Resultatenrekening

Totaal opbrengsten

245,000

313,700

345,600

Totaal betaalde kosten en afschrijvingen

248,100

265,000

288,500

Inkomen uit normale bedrijfsvoering

-3,100

48,600

57,100

Buitengewone baten en lasten

100

-300

-300

Inkomen uit bedrijf

-3,000

48,400

56,800

Totaal inkomen

15,034

65,971

74,687

Besparingen

-37,500

18,200

26,900

Bedrijfseconomisch resultaat

Totaal opbrengsten

245,000

313,700

345,600

Totaal kosten (inclusief berekende kosten)

351,000

355,500

369,100

w.v. &betaalde kosten en afschrijvingen (excl. rente)

218,300

233,700

254,700

&berekende kosten arbeid en vermogen

132,800

121,800

114,400

Nettobedrijfsresultaat

-106,100

-41,800

-23,500

Rentabiliteit (opbrengst per 100 euro kosten)

70

88

94

Voor de uitleg van de kengetallen verwijzen we naar de aanvullende informatie hierover. 



Bron: http://www3.lei.wur.nl/igraphs/BINTERGraph.aspx


Inkomens melkgeitenhouderij
De geitenhouders hebben de laatste 2 jaar nauwelijks of geen inkomen weten te behalen. Naast de problematiek rond de Q-koorts werden de geitenhouders in 2010 geconfronteerd met een sterk dalende melkpriis. De melkprijs heeft zich in 2011 hersteld maar dit was niet voldoende om de sterk gestegen kosten te compenseren. Met name de kosten van het mengvoer en het ruwvoer stegen aanzienlijk.

Hoewel de voerkosten de laatste maanden iets zijn gedaald is er momenteel sprake van een stabilisatie van de voerprijzen. De prijzen op de graanmarkt en de sojamarkt weten niet duidelijk richting te kiezen. Berichtgeving omtrent de weersomstandigheden in de oogstgebieden drukken hun stempel op de markt. Vooralsnog lijken de voerprijzen de komende maanden weinig te veranderen en is het afwachten hoe de omvang van de nieuwe oogsten zal uitvallen. De prijs van geitenmelk ligt in vergelijking met vorig jaar hoger maar over de verdere ontwikkeling dit jaar valt nog weinig concreets te zeggen.


Inkomsten schapenhouderij
Er zijn in Nederland maar een beperkt aantal gespecialiseerde schapenbedrjiven. De meeste schapen worden als neventak gehouden. Daarom worden geen inkomsten maar saldi (opbrengsten minus variabele kosten) weergegeven. In onderstaande tabel wordt de ontwikkeling van prijzen en het saldo per ooi aangegeven.

Tabel

Ontwikkeling van prijzen, hoeveelheden en saldo in de schapenhouderij, (inclusief BTW)

2009

2010

2011 (r)

Mutatie (%)

Prijzen

Ooien, uitstoot (per stuk)

71

81

95

18

overige schapen (per stuk)

81

85

93

10

Krachtvoer (per 100 kg)

24.70

24.00

29.60

23

Saldo per ooi

 

Opbrengsten

112

132

145

10

Voerkosten

21

24

30

24

Overige toegerekende kosten

19

24

25

2

Saldo

72

84

90

8

 

terug naar boven


3. Na Rusland en Mexico hebben ook Egypte en Oekraïne handelsbeperkingen voor specifieke producten en dieren opgelegd voor Nederland. Hoe belangrijk is de agrarische export naar deze landen voor Nederland?

Voor informatie klik op onderstaande tabellen:

  Tabel 1: Export vanuit Nederland naar Mexico, Rusland, Egypte, Oekraïne en intra EU
  Tabel 2: Export van Nederland, in aantal dieren

terug naar boven


4. Alhoewel de totale schade van de uitbraak nog niet vast te stellen is, hoe groot is de schade per dier dat één of meerdere dode of niet levensvatbare lammeren of kalveren er ter wereld brengt?


Rundvee
De dieren met afwijkende kalveren zijn vrijwel allemaal op het einde van de dracht. De melkproductie van de dieren is dan ook waarschijnlijk maar beperkt verminderd. Wat de veehouder wel mist is de opbrengstprijs van het kalf. 

  • De gemiddelde waarde van een zwartbont stierkalf voor de mesterij bedraagt de laatste weken 120 euro voor stier- en circa 50 euro voor vaarskalveren voor de mesterij, af boerderij.
    Een vaarskalf aangehouden voor de fokkerij met een leeftijd van tussen de 0 tot 13 weken wordt gewaardeerd op circa 300 euro.

Schapen
Er zijn in Nederland weinig gespecialiseerde schapenbedrijven. De meeste schapen worden als tweede tak gehouden.

  • Bij abortus/vroeggeboorte of geboorte van afwijkende lammeren loopt de schapenhouder het saldo per ooi voor dit jaar grotendeels mis. De waarde van een lam tussen de 0 en 4 weken is ongeveer 54 euro. Bij een gemiddelde worpgrootte van 2 lammeren per ooi is de schade per ooi 90-100 € (rekening met normale sterft en kosten).

 

    
                     

terug naar boven

  
Print deze pagina

Contact
Ron Bergevoet
visitekaartje
»  meer Contact