De glastuinbouw is een zeer dynamische en innovatieve bedrijfstak. De afgelopen drie jaar kende de sector ‘ups’ en met name ‘downs’. Na het ‘crisisjaar’ 2009 was in 2010 sprake van economisch herstel voor de meeste glastuinbouwsectoren. Maar in 2011 kende met name de glasgroentesector een zeer slecht jaar. Door toenemende concurrentie, minder verkochte producten wegens een afname van de verkoop van saladegroenten en vraag en prijsval door de EHEC-crisis kwamen bedrijven diep in de rode cijfers terecht.
Rentabiliteit, inkomen en liquiditeit
Gemiddeld nam de rentabiliteit in de glastuinbouw met 12% af. Vooral in glasgroenteteelt was er een sterke terugval. In de snijbloementeelt zette het herstel van 2010 niet verder door. Ook bij de potplantenbedrijven moest de rentabiliteit enkele procentpunten inleveren op vorig jaar. Het inkomen uit bedrijf kwam in 2011 gemiddeld zeer negatief uit waardoor meer bedrijven liquiditeitsproblemen kenden. Voor meer cijfers zie de digitale versie van land- en tuinbouwcijfers en de database van Binternet.
Productiewaarde en export
De productiewaarde van de glastuinbouw nam in 2011 opnieuw af tot 5.170 miljoen euro. Ook de export van glasgroenten nam af, terwijl die van bloemen en planten met 2% groeide. Voor een actueel beeld van exporten en veilingomzetten kunt u terecht bij onze Barometer Agrarische sectoren.
Aantal bedrijven en areaal
Het aantal gespecialiseerde glastuinbouwbedrijven is in 2011 met bijna 6% gedaald tot 3.550. Het totale areaal glastuinbouw bedroeg ca. 10.250 ha, waarvan 4.990 ha glasgroenten, 2.580 ha snijbloemen en 1.790 ha pot- en perkplanten.
Topsectoren en Beeld 2025
De tuinbouwsector werd in 2011 uitgeroepen tot één van de topsectoren van de Nederlandse economie. In 2012 moet het inmiddels uitgewerkte beleid in de vorm van de uitvoeringsagenda vorm gaan krijgen.
In de ontwikkeling op langere termijn van de (glas)tuinbouw zijn drie belangrijke thema's van grote invloed: internationalisering, marktgericht produceren en verduurzaming. De tuinbouwsector is van oudsher sterk gericht op de Europese afzetmarkt. De verwachte marktgroei vindt met name buiten dit gebied plaats. Het invullen van deze vraag op een duurzame manier is de eerste uitdaging. De invulling van hoe er nog meer marktgericht geproduceerd kan worden in plaats van alleen de kostprijsstrategie te volgen is de tweede uitdaging. Een derde uitdaging ligt in het zorgen voor meerwaarde in kwaliteit gecombineerd met meerwaarde in duurzaamheid.
Een nadere beschouwing voor welke uitdagingen deze topsector staat om deze status in de toekomst te behouden is te vinden in de studie 'In perspectief; Over de toekomst van de Nederlandse agrosector'.